Begrippenlijst
havo39 begrippen die je bij Wiskunde B op havo moet kennen, elk met een paar zinnen uitleg. Staat er een les bij, dan wordt het begrip daar gebruikt en geoefend.
A 3
- afgeleide D2
- De functie die bij elke x de helling van de oorspronkelijke grafiek geeft. Naar de les
- algebraïsch oplossen B2
- Met de hand oplossen volgens de rekenregels, zonder afgelezen waarden. Naar de les
- amplitude B4
- De uitwijking van een sinusoïde vanaf de evenwichtsstand. Naar de les
B 2
- beginpunt B4
- De x-waarde waar een sinusoïde stijgend door de evenwichtsstand gaat. Naar de les
- beginwaarde B1
- De functiewaarde bij x is nul, bij een exponentiële functie de factor voor de macht. Naar de les
C 1
- cosinusregel C1
- Een regel voor een willekeurige driehoek bij drie zijden of bij twee zijden met de hoek ertussen. Naar de les
D 3
- differentiequotiënt D1
- De gemiddelde verandering over een interval, dus de helling van de koorde. Naar de les
- discriminant C2
- Het getal b in het kwadraat min 4ac, dat het aantal oplossingen van een kwadratische vergelijking bepaalt. Naar de les
- domein B1
- De verzameling x-waarden waarvoor een functie bestaat. Naar de les
E 3
- evenwichtsstand B4
- De middenlijn van een sinusoïde, het gemiddelde van de hoogste en de laagste waarde. Naar de les
- exact antwoord A3
- Een antwoord zonder afronding, waarin wortels en breuken blijven staan. Naar de les
- exponentiële functie B1
- Een functie waarbij x in de exponent staat. Naar de les
G 3
- gebroken functie B1
- Een functie met x in de noemer, met daardoor een verticale asymptoot. Naar de les
- gelijkvormig C1
- Dezelfde vorm maar niet dezelfde grootte, met gelijke hoeken en zijden in dezelfde verhouding. Naar de les
- groeifactor B1
- Het getal waarmee je per stap vermenigvuldigt bij exponentiële groei. Naar de les
H 2
- helling D2
- De steilheid van een grafiek, gegeven door de afgeleide. Naar de les
- horizontale asymptoot B1
- De waarde die een grafiek nadert als x heel groot of heel klein wordt. Naar de les
K 3
- kettingregel D3
- De regel om een functie in een functie te differentiëren, buiten maal binnen. Naar de les
- koorde D1
- Het lijnstuk tussen twee punten op een grafiek of cirkel. Naar de les
- kwadratische functie B1
- Een functie met x in het kwadraat, met een parabool als grafiek. Naar de les
L 2
- lineaire functie B1
- Een functie van de vorm y is ax plus b, met een rechte lijn als grafiek. Naar de les
- logaritme B1
- De exponent waartoe je het grondtal moet verheffen om een getal te krijgen. Naar de les
M 4
- machtsfunctie B1
- Een functie waarbij x in het grondtal staat en de exponent vast is. Naar de les
- machtsregel D3
- De afgeleide van x tot de macht n is n maal x tot de macht n min één. Naar de les
- maximum D4
- Het hoogste punt van een grafiek, waar de afgeleide van plus naar min wisselt. Naar de les
- minimum D4
- Het laagste punt van een grafiek, waar de afgeleide van min naar plus wisselt. Naar de les
O 2
- omgekeerd evenredig B3
- Een verband waarbij het product van de twee grootheden gelijk blijft. Naar de les
- ongelijkheid B2
- Een opgave waarbij je het gebied zoekt waar iets groter of kleiner is. Naar de les
P 2
- parabool B1
- De grafiek van een kwadratische functie. Naar de les
- periode B4
- De lengte van één herhaling van een periodieke grafiek. Naar de les
R 4
- raaklijn D1
- De lijn die een grafiek in een punt aanraakt, met de afgeleide als richtingscoëfficiënt. Naar de les
- recht evenredig B3
- Een verband waarbij het quotiënt van de twee grootheden gelijk blijft. Naar de les
- rechthoekige driehoek C1
- Een driehoek met een hoek van 90 graden, waarin sinus, cosinus en tangens gelden. Naar de les
- richtingscoëfficiënt B1
- Het getal dat aangeeft hoeveel y stijgt als x met één toeneemt. Naar de les
S 3
- samengestelde functie D3
- Een functie waarin een andere functie zit, te differentiëren met de kettingregel. Naar de les
- sinusoïde B4
- Een grafiek met de vorm van een sinus, beschreven door evenwichtsstand, amplitude, periode en beginpunt. Naar de les
- sinusregel C1
- Een regel voor een willekeurige driehoek bij een zijde met zijn overstaande hoek. Naar de les
V 1
- verticale asymptoot B1
- Een verticale lijn waar de functie niet bestaat en de grafiek naar oneindig loopt. Naar de les
W 1
- wortelfunctie B1
- Een functie met x onder een wortel, met een domein waarin dat stuk niet negatief is. Naar de les
Geen begrip gevonden. Probeer een ander woord.