Begrippen stampen
Je leest een uitleg en kiest welk begrip erbij hoort. Een begrip is klaar als je het drie keer goed hebt. Wat je fout hebt komt terug tot het blijft zitten.
10 begrippen in deze stapel
Lees het begrip, bedenk wat het betekent en klap het open om te zien of je het had.
-
rente
De vergoeding voor het uitlenen van geld of voor het uitstellen van consumptie.
-
consumentensurplus
Het verschil tussen wat kopers wilden betalen en wat zij werkelijk betaalden.
-
importtarief
Een heffing op ingevoerde producten, waardoor die duurder worden.
-
prijsdiscriminatie
Verschillende prijzen vragen voor hetzelfde product aan verschillende groepen.
Naar de les over Prijsdiscriminatie en productdifferentiatie
-
integrale benadering
Het bepalen van de winst door de totale opbrengsten en de totale kosten te vergelijken.
-
dominante strategie
Een keuze die altijd de beste is, wat de tegenspeler ook doet.
-
collectieve aanbodlijn
De lijn die aangeeft hoeveel alle aanbieders samen willen leveren bij elke prijs.
-
arbeidsaanbod
De beroepsbevolking, dus iedereen die kan en wil werken.
-
variabele kosten
Kosten die meegroeien met de productie.