Begrippen stampen
Je leest een uitleg en kiest welk begrip erbij hoort. Een begrip is klaar als je het drie keer goed hebt. Wat je fout hebt komt terug tot het blijft zitten.
20 begrippen in deze stapel
Lees het begrip, bedenk wat het betekent en klap het open om te zien of je het had.
-
hydrolyse
Het omgekeerde van een condensatiereactie: met water valt een groot molecuul weer uiteen in zijn delen. In je darmen wordt zetmeel zo tot glucose afgebroken.
-
additie
Een reactie waarbij een deeltje aan een dubbele binding wordt gekoppeld zonder dat er iets afgaat. Alle atomen komen in het product terecht.
-
evenwicht verschuiven
Een evenwicht reageert op een verandering door de kant op te gaan die de verandering deels opheft. Meer beginstof, een lagere temperatuur bij een exotherme reactie of een hogere druk bij minder gasdeeltjes rechts: allemaal duwen ze het evenwicht naar rechts.
-
persistent
Niet of nauwelijks afbreekbaar. Een persistente stof blijft jaren tot eeuwen in het milieu, en dan telt ook een lage concentratie op den duur op.
-
toevallige fout
Een fout die de ene keer te hoog en de andere keer te laag uitvalt, bijvoorbeeld door aflezen. Hier helpt vaker meten en het gemiddelde nemen.
-
edelgasconfiguratie
Een volle buitenste elektronenschil, net als bij een edelgas. Atomen staan elektronen af, nemen ze op of delen ze om daar te komen; dat verklaart welke ionen en bindingen ontstaan.
-
activeringsenergie
De energie die deeltjes minstens nodig hebben om te kunnen reageren: de top in het energiediagram. Ook een exotherme reactie heeft die drempel, en daarom brandt benzine niet van zichzelf.
-
gevarensymbool
Het ruitvormige teken op een verpakking dat zegt wat voor gevaar de stof oplevert. Daarbij staan H-zinnen over het gevaar en P-zinnen over wat je moet doen.
-
kloppend maken
Zorgen dat er links en rechts van de pijl van elk element evenveel atomen staan, door coëfficiënten voor de formules te zetten. De formules zelf mag je nooit veranderen; dan maak je er een andere stof van.
-
ester
De stof die ontstaat als een alcohol en een carbonzuur met elkaar reageren, waarbij water vrijkomt. Esters ruiken vaak naar fruit en zitten in aroma, geurstof en vet.
-
batchproces
Een proces per portie: vullen, laten reageren, legen, schoonmaken. Handig voor kleine hoeveelheden en wisselende producten, zoals medicijnen.
-
reactievergelijking
De afkorting van een reactie: links de beginstoffen, rechts de reactieproducten, met een pijl ertussen. De fasen zet je erachter tussen haakjes, bijvoorbeeld (s), (l), (g) of (aq).
-
programma van eisen
De meetbare eisen die je vooraf aan een opstelling of een proces stelt. Zonder die eisen is achteraf niet te zeggen of het ontwerp werkt.
-
verbinding
Een stof waarin twee of meer soorten atomen aan elkaar vast zitten, zoals water of keukenzout. Een verbinding heeft eigen eigenschappen, en niet die van de elementen waaruit hij is opgebouwd.
-
fysisch proces
Een proces waarbij geen nieuwe stof ontstaat, zoals smelten, oplossen en verdampen. De moleculen blijven heel, ze gaan alleen anders liggen. Je kunt het daarom meestal makkelijk terugdraaien.
-
broeikasgas
Een gas dat warmte in de atmosfeer vasthoudt, zoals CO2 en methaan. Daarom telt bij een proces niet alleen hoeveel energie het kost, maar ook welk gas erbij vrijkomt.
-
vrij elektronenpaar
Een paar elektronen dat geen binding vormt. Zo n paar kan een plek met elektronentekort aanvallen, en dat is de eerste stap van veel reacties.
-
chromatografie
Scheiden op een verschil in aanhechting en meelopen, bijvoorbeeld op papier. De stof die zich het minst vastgrijpt komt het verst mee, en zo zie je hoeveel stoffen er in een mengsel zitten.
-
eiwit
Een polymeer van aminozuren, aan elkaar geregen met amidebindingen. De volgorde van de aminozuren bepaalt de vorm, en de vorm bepaalt wat het eiwit doet.
-
molair volume
Het volume dat een mol gas inneemt bij een genoemde druk en temperatuur. Hiermee reken je van gasvolume naar mol en terug.