Begrippen stampen
Je leest een uitleg en kiest welk begrip erbij hoort. Een begrip is klaar als je het drie keer goed hebt. Wat je fout hebt komt terug tot het blijft zitten.
10 begrippen in deze stapel
Lees het begrip, bedenk wat het betekent en klap het open om te zien of je het had.
-
sinus
De verhouding tussen de overstaande zijde en de schuine zijde van een rechthoekige driehoek.
-
complementregel
De kans dat iets niet gebeurt is 1 min de kans dat het wel gebeurt. Handig bij vragen met minstens één.
-
tabel
Een rijtje bij elkaar horende waarden. Handig om een losse waarde op te zoeken of in te vullen.
-
balansmethode
Een vergelijking oplossen door links en rechts precies hetzelfde te doen. Blijft het in balans, dan blijft de oplossing kloppen.
-
kans
Het aantal gunstige uitkomsten gedeeld door het totale aantal uitkomsten, zolang elke uitkomst even waarschijnlijk is.
-
procent
Een honderdste deel. Het geheel is altijd 100 procent, ook als dat getal niet in de vraag staat.
-
lengtemaat
Een maat voor afstand, zoals meter of centimeter. Elke trede op de maatladder is bij lengte een factor 10.
-
aanliggende zijde
De zijde die de hoek raakt waar je naar kijkt en die niet de schuine zijde is.
-
oppervlaktemaat
Een maat voor vlak, zoals vierkante meter. Elke trede is hier een factor 100, want je rekent in twee richtingen tegelijk.
-
verhoudingstabel
Een tabel met twee rijen waarin je met de onderste rij precies hetzelfde doet als met de bovenste. Zo reken je van de ene verhouding naar de andere.