Ongeveer 10 minuten. Koopkracht van nu naar later schuiven, of andersom.
Bij intertemporele ruil vergelijk je bedragen die niet op hetzelfde moment vallen. Je zet je eigen tijdsvoorkeur af tegen de marktprijs van tijd, en dat is de rente.
Lenen en sparen zijn dezelfde keuze
Wie spaart schuift koopkracht naar later, wie leent haalt koopkracht naar voren. Beide zijn ruil tussen twee momenten.
Is jouw eigen prijs van tijd lager dan de rente, dan loont sparen. Is die hoger, dan ben je bereid te betalen om nu te consumeren.
Naast tijdsvoorkeur speelt risico-aversie mee. Wie onzekerheid vervelend vindt, wil een hogere vergoeding voor het uitlenen van geld.
Jouw prijs van tijd tegen de rente
De vergelijking bepaalt of je spaart of leent.
Zo weeg je een intertemporele keuze
1
Zet de bedragen op hun moment
Nu en later, met het aantal jaren ertussen.
2
Reken ze naar hetzelfde moment
Met de rente als omrekenfactor.
3
Vergelijk pas daarna
Bedragen op verschillende momenten zijn niet direct vergelijkbaar.
4
Noem de tijdsvoorkeur
Die verklaart waarom iemand toch anders kiest.
De fout die bijna iedereen maakt
Honderd euro nu en honderd euro over een jaar, is dat hetzelfde?
ja, zelfde bedragfout
Honderd euro nu kun je uitzetten en dan is het over een jaar meer. Daarom reken je bedragen altijd eerst naar hetzelfde moment voordat je ze vergelijkt. Dat is de kern van intertemporele ruil.
Sparen legt beslag op consumptie van nu
Wat vandaag niet wordt gevraagd hoeft vandaag niet gemaakt te worden. Daarom werkt een spaarbeslissing ook door op de productie, en niet alleen op het eigen budget.
Check jezelf
Wat is intertemporele ruil?
Koopkracht verschuiven in de tijd.
Wat is de marktprijs van tijd?
De vergoeding voor uitstel.
Jouw tijdsvoorkeur ligt onder de rente. Wat doe je?
De beloning is hoger dan jouw ongeduld.
Wat doet risico-aversie met de gevraagde vergoeding?