De chemie in je lichaam
Ongeveer 8 minuten. Vier stofgroepen, en allemaal gemaakt van ketens.
Hetzelfde idee, vier keer
Zetmeel is een keten van glucose, een eiwit een keten van aminozuren en DNA een keten van nucleotiden. Steeds hetzelfde principe: een klein bouwsteentje, een lang molecuul.
Dat is handig voor een cel. Hij kan de keten afbreken als hij de bouwstenen nodig heeft en weer opbouwen als er overschot is.
Wat de keten doet, hangt af van welke bouwstenen erin zitten en in welke volgorde. Een eiwit van dezelfde aminozuren in een andere volgorde is een ander eiwit.
Vier stofgroepen
Vetten zijn de uitzondering: die vormen geen lange keten van gelijke bouwstenen.
Zo plaats je een stof
Zoek de bouwsteen
Waar bestaat het uit? Glucose, aminozuren, vetzuren of nucleotiden. Dat wijst meteen de groep aan.
Noem de functie
Brandstof, bouwmateriaal, opslag of informatie. Elke groep heeft zijn eigen rol.
Koppel het aan een proces
Verteren is afbreken tot bouwstenen, opbouwen is er iets van jezelf van maken. Noem welke van de twee aan de orde is.
De fout die bijna iedereen maakt
Je eet een biefstuk. Bouwt je lichaam dat eiwit zo in je spieren in?
Een eiwit van een koe past niet in jouw lichaam. Het wordt afgebroken tot losse aminozuren, en daar bouwt jouw lichaam zijn eigen eiwitten van. De bouwstenen zijn universeel, de ketens niet.
Enzymen zijn ook eiwitten
Een enzym versnelt een reactie zonder zelf op te raken: het is een katalysator. En het is een eiwit, dus het heeft een specifieke vorm. Daarom werkt elk enzym maar op één soort stof, en gaat het kapot bij hoge temperatuur.
Check jezelf
Waaruit bestaat zetmeel?
Wat is een enzym?
Waarom werkt een enzym niet meer bij hoge temperatuur?
Wat bepaalt welk eiwit je krijgt?