vanderwaalsbinding
Scheikunde havoDe zwakke aantrekking tussen moleculen onderling. Hoe groter het molecuul, hoe sterker die aantrekking, en hoe hoger dus het kookpunt. Dit is een binding tussen moleculen, geen binding binnen een molecuul.
Hoort bij Stoffen en materialen, eindterm B2.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- apolaire stof
- Een stof waarvan de moleculen geen plus- en minkant hebben, zoals benzine en olie.
- molecuul
- Een groepje atomen dat met atoombindingen aan elkaar vast zit en samen een deeltje vormt, zoals H2O of CO2.
- polaire stof
- Een stof waarvan de moleculen een plus- en een minkant hebben, doordat de lading niet gelijk verdeeld is.
- smeltpunt
- De temperatuur waarbij een vaste stof vloeibaar wordt.
- element
- Een stof die uit maar een soort atomen bestaat, zoals ijzer of zuurstof.
- ester
- De stof die ontstaat als een alcohol en een carbonzuur met elkaar reageren, waarbij water vrijkomt.
- hydrolyse
- Het omgekeerde van een condensatiereactie: met water valt een groot molecuul weer uiteen in zijn delen.
- legering
- Een metaal waarin andere atomen zijn opgenomen, zoals staal of brons.