Naar de inhoud
Inloggen

Natuurkunde vwo

Schakelingen en de inwendige weerstand

Ongeveer 10 minuten. Serie of parallel bepaalt welke grootheid gelijk is. En een bron is zelf ook een weerstand.

In serie is de stroom overal gelijk en tellen de spanningen op. Parallel is de spanning gelijk en tellen de stromen op. Met de wet van Ohm en het vermogen reken je daarna elk onderdeel apart door.

Van binnen naar buiten rekenen

Zoek eerst de vervangingsweerstand van de hele schakeling. Werk van binnen naar buiten, reken parallelstukken samen en tel daarna de serieweerstanden op.

Een bron heeft zelf een inwendige weerstand. De spanning op de polen is daarom de bronspanning min de stroom keer die inwendige weerstand, en bij een grote stroom zakt de klemspanning dus merkbaar in.

Het vermogen in een onderdeel is de spanning erover keer de stroom erdoor. Met de wet van Ohm schrijf je dat ook als stroom in het kwadraat keer de weerstand, en dat is handig als je de stroom al weet.

Controleer altijd met een som. De deelspanningen in serie horen op te tellen tot de bronspanning, en de deelstromen parallel tot de hoofdstroom.

Serie telt op, parallel verdeelt

seriezelfde stroomparallelzelfde spanningparallel is altijd kleiner dan de kleinste

Welke grootheid gelijk is bepaalt hoe je rekent.

Zo reken je een schakeling door

1

Zoek de vervangingsweerstand

Van binnen naar buiten. Parallelstukken eerst samen, daarna de serie erbij.

2

Reken de hoofdstroom uit

De bronspanning gedeeld door de vervangingsweerstand plus de inwendige weerstand.

3

Werk terug naar de onderdelen

In serie krijgt elk onderdeel de hoofdstroom, parallel krijgt elke tak de volle spanning over dat deel.

4

Controleer met de sommen

Spanningen in serie tellen op tot de bronspanning, stromen parallel tot de hoofdstroom.

De fout die bijna iedereen maakt

Twee weerstanden van 20 ohm staan parallel. Hoe groot is de vervangingsweerstand?

40 ohm, want je telt ze opklopt niet

Optellen doe je bij serie. Parallel komt er een tweede weg bij, dus de hele schakeling laat meer stroom door en de vervangingsweerstand daalt. Bij twee gelijke weerstanden is dat precies de helft.

Parallel is altijd kleiner dan de kleinste

Kom je bij een parallelschakeling op een waarde die groter is dan een van de afzonderlijke weerstanden, dan heb je gerekend als bij serie. Die controle kost een seconde en vangt de meeste rekenfouten.

Schakelingen en de inwendige weerstand

Check jezelf

Wat is in een serieschakeling overal gelijk?

Er is maar een weg, dus alle lading gaat door elk onderdeel.

Twee weerstanden van 20 ohm parallel geven welke vervangingsweerstand?

Bij twee gelijke weerstanden parallel is de vervangingsweerstand de helft.

Wat gebeurt er met de klemspanning van een bron bij een grotere stroom?

Over de inwendige weerstand valt dan meer spanning, dus er blijft minder over op de polen.

Hoe reken je het vermogen in een weerstand als je de stroom weet?

Vermogen is spanning keer stroom, en met de wet van Ohm wordt dat stroom in het kwadraat keer de weerstand.

In jouw boek

Er zijn nog geen methodes ingesteld voor dit vak.

De begrippen uit deze les

inwendige weerstand
De weerstand van de bron zelf. Daardoor zakt de spanning op de polen als er meer stroom loopt.
kilowattuur
De eenheid waarin je energierekening rekent. Het is het verbruik van duizend watt gedurende een uur.
parallelschakeling
Onderdelen naast elkaar tussen dezelfde twee punten. De spanning is over alle takken gelijk en de stromen tellen op.
serieschakeling
Onderdelen achter elkaar in één kring. De stroom is overal gelijk en de spanningen tellen op.
spanning
Het energieverschil per eenheid lading tussen twee punten, in volt. Hij is wat de stroom door een kring duwt.
stroomsterkte
De hoeveelheid lading die per seconde voorbijkomt, in ampère.
vermogen
Het aantal joule per seconde, in watt. Je rekent het uit met de energie gedeeld door de tijd.
vervangingsweerstand
De ene weerstand die hetzelfde doet als een hele schakeling. In serie tel je de weerstanden op, parallel wordt hij kleiner dan de kleinste.
watt
De eenheid van vermogen, met symbool W. Een apparaat van 1000 watt gebruikt duizend joule per seconde.
weerstand
Hoe sterk een onderdeel de stroom tegenhoudt, in ohm. Hij is de spanning gedeeld door de stroomsterkte.
wet van Ohm
Het verband dat de spanning gelijk is aan de stroomsterkte keer de weerstand. Hij geldt alleen als de weerstand niet van de stroom afhangt.

Overhoor deze begrippenAlle begrippen van dit vak

In het examen

De examens staan op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens. Wij nemen er niets uit over, je opent ze daar.

Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 28-10-2026.

En nu?

Alle onderwerpen Ander vak