Naar de inhoud
Inloggen

Natuurkunde havo

Lenzen en beeldvorming

Ongeveer 9 minuten. Twee stralen zijn genoeg om te vinden waar het beeld komt.

Bij een positieve lens construeer je het beeld met twee stralen: een evenwijdig aan de hoofdas die daarna door het brandpunt gaat, en een door het midden die rechtdoor loopt.

Reëel of virtueel

Staat het voorwerp verder dan het brandpunt, dan snijden de stralen elkaar echt achter de lens. Er ontstaat een reëel beeld, omgekeerd, en dat kun je op een scherm opvangen.

Staat het voorwerp binnen het brandpunt, dan lopen de stralen na de lens uit elkaar. Je ziet dan een virtueel beeld, rechtop en vergroot, zoals bij een loep.

De lenzenformule legt de afstanden vast: 1 gedeeld door f is 1 gedeeld door v plus 1 gedeeld door b, met f de brandpuntsafstand, v de voorwerpsafstand en b de beeldafstand.

De sterkte van een lens in dioptrie is 1 gedeeld door de brandpuntsafstand in meter. Een lens van 0,50 meter heeft dus een sterkte van 2,0 dioptrie.

Twee stralen vinden het beeld

Fvoorwerpbeeld

Waar de twee stralen elkaar snijden, ligt het beeld.

Zo construeer je een beeld

1

Teken de hoofdas en de lens

Zet de brandpunten aan beide kanten op gelijke afstand van de lens.

2

Teken de evenwijdige straal

Vanuit de top van het voorwerp evenwijdig aan de as, en na de lens door het brandpunt.

3

Teken de middelpuntstraal

Vanuit dezelfde top recht door het midden van de lens, zonder af te buigen.

4

Zoek het snijpunt

Daar ligt de top van het beeld. Snijden ze elkaar niet, verleng dan terug voor een virtueel beeld.

De fout die bijna iedereen maakt

Je dekt de bovenste helft van een lens af. Wat gebeurt er met het beeld?

de bovenste helft van het beeld verdwijntklopt niet

Van elk punt van het voorwerp gaan stralen door de hele lens. Dek je een deel af, dan vallen er minder stralen op elk beeldpunt, dus het beeld wordt zwakker maar blijft compleet.

Twee stralen zijn genoeg

Een derde straal mag je tekenen als controle, maar twee bepalen het snijpunt al. Teken ze lang genoeg door, want een kort lijntje maakt het snijpunt onnauwkeurig.

Lenzen en beeldvorming

Check jezelf

Wat doet een straal door het midden van de lens?

Door het midden loopt hij zonder afbuiging verder.

Een lens heeft een brandpuntsafstand van 0,50 m. Wat is de sterkte?

S is 1 gedeeld door f, dus 1 gedeeld door 0,50 is 2,0 dioptrie.

Wanneer krijg je een virtueel beeld?

Dan lopen de stralen uit elkaar en lijkt het beeld aan dezelfde kant te staan, rechtop en vergroot.

In jouw boek

Er zijn nog geen methodes ingesteld voor dit vak.

De begrippen uit deze les

brandpunt
Het punt waar een positieve lens stralen die parallel binnenkomen samenbrengt. De afstand daarheen heet de brandpuntsafstand.
lenssterkte
Eén gedeeld door de brandpuntsafstand in meter, in dioptrie. Een sterkere lens buigt het licht meer.
lenzenformule
Het verband tussen de voorwerpsafstand, de beeldafstand en de brandpuntsafstand van een lens. Daarmee reken je uit waar het beeld komt.
positieve lens
Een lens die dikker is in het midden en lichtstralen bij elkaar brengt. Hij maakt een beeld op een scherm.
vergroting
Hoeveel keer groter het beeld is dan het voorwerp, te vinden uit de beeldafstand gedeeld door de voorwerpsafstand.

Overhoor deze begrippenAlle begrippen van dit vak

Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 28-10-2026.

En nu?

Alle onderwerpen Ander vak