Naar de inhoud
Inloggen

Begrippenlijst

eigenfrequentie

Natuurkunde havo

De frequentie waarop een voorwerp van zichzelf trilt. Hij volgt uit de massa en de stijfheid, en elk voorwerp heeft er een.

Hoort bij Beeld- en geluidstechniek, eindterm B1.

Waar je dit tegenkomt

Begrippen die hierbij horen

resonantie
Meetrillen van iets dat je op zijn eigen frequentie aanstoot, waardoor de uitwijking sterk groeit.
veerconstante
Hoeveel newton je nodig hebt per meter uitrekking, in newton per meter.
golfsnelheid
Hoe snel een golf zich voortplant, gelijk aan de frequentie keer de golflengte.
elektronvolt
Een eenheid van energie die handig is bij fotonen en deeltjes.
alfastraling
Straling van heliumkernen.
trillingstijd
De tijd van één hele trilling, in seconden.
isotoop
Een atoomsoort met een vast aantal protonen en een vast aantal neutronen.
vergroting
Hoeveel keer groter het beeld is dan het voorwerp, te vinden uit de beeldafstand gedeeld door de voorwerpsafstand.

Hetzelfde woord bij een ander vak

Overhoor jezelf op dit begrip Hele begrippenlijst