staatsvorming
Geschiedenis vwoHet proces waarin een vorst vaste belastingen, eigen ambtenaren en eigen recht in handen krijgt.
Hoort bij Orientatiekennis, eindterm B4.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- centralisatie
- Het samenbrengen van bestuur en macht bij een centraal gezag, in plaats van verspreid over lokale heren.
- primaat
- De vraag wie de hoogste macht heeft, de wereldlijke of de geestelijke.
- stedelijke burgerij
- De groep stadsbewoners die niet bij de adel of de geestelijkheid hoort en haar positie ontleent aan handel en ambacht.
- horigheid
- De positie van een boer die niet vrij is om te vertrekken en verplichtingen heeft tegenover zijn heer.
- abolitionisme
- De beweging die de afschaffing van de slavenhandel en de slavernij nastreefde.
- wetenschappelijke revolutie
- De verschuiving van gezag van oude teksten naar waarneming en experiment als bron van kennis.
- genocide
- Het stelselmatig vernietigen van een bevolkingsgroep om wie zij is.
- Europese eenwording
- De samenwerking tussen Europese landen die begon als economische samenwerking en uitgroeide tot een politieke unie.