Ongeveer 10 minuten. Twee van de drie, nooit alle drie.
Een wisselkoers is de prijs van een munt in een andere munt. Het trilemma zegt dat een land maar twee van de drie kan hebben, namelijk vrij kapitaalverkeer, zelfstandig monetair beleid en een vaste wisselkoers.
Hoe rente en koers aan elkaar hangen
Een hogere nominale rente trekt buitenlands kapitaal aan. Door die vraag naar de munt appreciëert hij.
Een duurdere munt maakt export duurder en import goedkoper. Het saldo op de lopende rekening verslechtert daardoor.
Bij depreciatie gebeurt het omgekeerde. De concurrentiepositie verbetert en het saldo op de lopende rekening neemt toe.
Houdt een land de koers vast en is kapitaal vrij, dan kan de centrale bank de rente niet zelf kiezen. Doet zij dat wel, dan loopt de koers weg.
Het trilemma
Twee kun je kiezen, de derde volgt niet.
Zo redeneer je over een renteverhoging
1
Noem de kapitaalstroom
Een hogere rente trekt buitenlands kapitaal aan.
2
Noem het effect op de koers
Meer vraag naar de munt betekent appreciatie.
3
Noem het effect op de handel
Export wordt duurder, import goedkoper.
4
Noem het saldo
Het saldo op de lopende rekening verslechtert.
De fout die bijna iedereen maakt
Een sterke munt is dus goed voor de economie?
ja, sterk klinkt goedniet eenduidig
Appreciatie maakt buitenlandse producten goedkoper, dus de koopkracht stijgt. Tegelijk wordt de export duurder en verslechtert de concurrentiepositie. Welke kant zwaarder weegt hangt af van de vraag in de opgave.
Zeg appreciatie en depreciatie, niet sterker en zwakker
Bij zwevende koersen horen die woorden. Bij vaste koersen heet het revaluatie en devaluatie, want dan is het een besluit en geen marktuitkomst.