Naar de inhoud
Inloggen

Begrippenlijst

vaktaal

Scheikunde havo

De woorden en symbolen waarmee je in de chemie precies kunt zijn: deeltjessoort, fase, binding, formule. Een antwoord in gewone woorden kan kloppen en toch te vaag zijn voor de punten.

Hoort bij Vaardigheden, eindterm A2.

Waar je dit tegenkomt

Begrippen die hierbij horen

beargumenteerd oordeel
Een oordeel waarbij je de feiten, de norm en je eigen afweging uit elkaar houdt en benoemt waarop je oordeel rust.
programma van eisen
De meetbare eisen die je vooraf aan een opstelling of een proces stelt.
atoommodel
De voorstelling van een atoom die we op dit moment gebruiken.
context
De situatie waarin een vraag is verpakt: een fabriek, een ziekenhuis, een meer.
leerdoel
In één zin wat je nog niet kunt, bijvoorbeeld: ik vergeet de molverhouding.
bronkritiek
Nagaan wie een bron gemaakt heeft, waarop die berust en of hij bij jouw vraag past.
systeem
Het stuk werkelijkheid binnen een grens die jij kiest, met stromen die erin en eruit gaan.

Hetzelfde woord bij een ander vak

Overhoor jezelf op dit begrip Hele begrippenlijst