Naar de inhoud
Inloggen

Geschiedenis havo

Tijdvak 1, jagers en boeren

Ongeveer 9 minuten. Van rondtrekken naar blijven. Die ene overstap verandert alles wat erna komt.

Tijdvak 1 kent drie aspecten. De levenswijze van jagers-verzamelaars, het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen, en het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.

Drie stappen die op elkaar volgen

Jagers-verzamelaars trekken rond met de seizoenen en met het voedsel mee. Zij leven in kleine groepen, bezitten weinig en kennen weinig vaste verschillen in rang.

Met landbouw blijven mensen op een plek. Dat levert een voedseloverschot op, en daarmee ontstaat bezit, opslag en de mogelijkheid dat niet iedereen meer aan voedsel hoeft te werken.

Uit dat overschot groeien de eerste steden. Daar ontstaan beroepen die niets met voedsel te maken hebben, een bestuur dat de opslag beheert, en al snel het schrift om dat vast te leggen.

De lijn is dus niet alleen anders eten maar anders samenleven. Een examenvraag over dit tijdvak gaat bijna altijd over dat gevolg en niet over de landbouw zelf.

Van rondtrekken naar een stad

rondtrekkenkleine groeplandbouwoverschotstadeen overschot maakt beroepen buiten de landbouwmogelijk, en daarmee bestuur en schriftde vraag gaat over het gevolg, niet over het ploegen

Elke stap maakt de volgende mogelijk.

Zo gebruik je dit tijdvak

1

Noem het aspect

Jagers-verzamelaars, landbouw of de eerste steden.

2

Geef een kenmerk dat erbij hoort

Rondtrekken, een voedseloverschot of beroepen buiten de landbouw.

3

Leg het gevolg uit

Waarom dat kenmerk leidde tot wat er daarna gebeurde.

4

Houd het bij dit tijdvak

Verwar de eerste steden niet met de steden van tijdvak 4, die een heel ander verhaal hebben.

De fout die bijna iedereen maakt

Waarom konden er in de eerste steden beroepen ontstaan die niets met voedsel te maken hadden?

omdat mensen slimmer werdenklopt niet

Zonder voedseloverschot moet iedereen aan eten werken. Pas als er meer geproduceerd wordt dan nodig, kan een deel van de mensen iets anders doen. Dat is de voorwaarde waar de hele stedelijke samenleving op rust.

Let op welke steden de vraag bedoelt

De eerste stedelijke gemeenschappen horen bij tijdvak 1 en liggen in het Midden-Oosten. De opkomst van steden in Europa hoort bij tijdvak 4 en heeft met handel en ambacht te maken. Die twee door elkaar halen kost punten.

Tijdvak 1, jagers en boeren

Check jezelf

Hoe leven jagers-verzamelaars?

Zij volgen het voedsel en de seizoenen en bezitten weinig.

Wat maakt landbouw mogelijk?

Dat overschot is de voorwaarde voor alles wat erna komt.

Waarom ontstaan er beroepen buiten de landbouw?

Het overschot maakt die arbeidsdeling mogelijk.

Waar horen de eerste stedelijke gemeenschappen bij?

De Europese steden van tijdvak 4 zijn een ander verhaal met een andere oorzaak.

In jouw boek

Er zijn nog geen methodes ingesteld voor dit vak.

De begrippen uit deze les

jagers-verzamelaars
Mensen die rondtrekken met de seizoenen mee en leven van jagen en verzamelen, in kleine groepen met weinig bezit.
landbouwsamenleving
Een samenleving waarin mensen op een plek blijven en voedsel verbouwen, waardoor een overschot en bezit ontstaan.
voedseloverschot
Meer voedsel dan de producenten zelf nodig hebben. Dat maakt beroepen buiten de landbouw mogelijk.

Overhoor deze begrippenAlle begrippen van dit vak

Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 28-10-2026.

En nu?

Alle onderwerpen Ander vak