Ongeveer 10 minuten. Omzet, prijs per eenheid en de laatste euro erbij.
De totale opbrengst is prijs maal afzet. De gemiddelde opbrengst is de prijs per eenheid, en de marginale opbrengst is wat één extra verkochte eenheid aan de omzet toevoegt.
Waarom MO sneller daalt dan de prijs
Bij volkomen concurrentie is de prijs gegeven. Elke extra eenheid brengt dan precies de prijs op, dus MO is gelijk aan P.
Een aanbieder met marktmacht moet voor meer afzet de prijs verlagen, en die lagere prijs geldt voor alle eenheden.
Daarom ligt de MO-lijn onder de vraaglijn en loopt hij bij een rechte vraaglijn twee keer zo steil.
Is MO negatief, dan daalt de omzet terwijl de afzet stijgt. Dat is precies het inelastische deel van de vraaglijn.
Vraaglijn en marginale opbrengst
Bij marktmacht levert een extra eenheid minder op dan de prijs.
Zo bereken je de marginale opbrengst
1
Reken de omzet bij de ene hoeveelheid
Prijs maal afzet.
2
Reken de omzet bij de volgende
Met de nieuwe, lagere prijs.
3
Trek de omzetten van elkaar af
Het verschil is de marginale opbrengst.
4
Deel bij een sprong
Gaat de afzet met meer dan één omhoog, deel dan door dat aantal.
De fout die bijna iedereen maakt
Een monopolist verkoopt een eenheid extra. Krijgt hij de prijs erbij?
ja, de verkoopprijsfout
Om die extra eenheid te verkopen moet de prijs omlaag, en dat geldt ook voor de eenheden die hij al verkocht. Het voordeel van de extra eenheid min dat verlies op de rest is de marginale opbrengst.
MO en elasticiteit horen bij elkaar
Zolang MO positief is, is de vraag elastisch en verhoogt meer afzet de omzet. Wordt MO negatief, dan zit je in het inelastische deel en daalt de omzet.