producentensurplus
Economie vwoHet verschil tussen de marktprijs en de laagste prijs waarvoor aanbieders willen leveren.
Hoort bij Markt, eindterm D3.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- totale surplus
- De som van het consumentensurplus en het producentensurplus.
- subsidie
- Een bijdrage van de overheid die de kostprijs of de prijs verlaagt.
- elastisch
- Dat de gevraagde hoeveelheid harder reageert dan de prijs verandert.
- marktevenwicht
- De situatie waarin de gevraagde en de aangeboden hoeveelheid gelijk zijn.
- prijselasticiteit
- De procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid gedeeld door de procentuele prijsverandering.
- betalingsbereidheid
- De hoogste prijs die een vrager voor een eenheid wil betalen.
- kruislingse elasticiteit
- De reactie van de vraag naar het ene goed op de prijs van een ander goed.
- marginale kosten
- De kosten van één extra geproduceerde eenheid.