formule
Wiskunde A havoEen afspraak die zegt hoe je uit de ene grootheid de andere berekent. Bij een woordformule schrijf je de namen voluit, en dat helpt tegen fouten.
Hoort bij Verbanden, eindterm C3.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- domein
- De waarden van x die je in mag vullen.
- substitueren
- Een waarde of een hele uitdrukking invullen op de plek van een letter.
- variabele
- Een letter die staat voor een grootheid die kan veranderen.
- exponentieel verband
- Een verband waarbij er per stap steeds met hetzelfde getal wordt vermenigvuldigd.
- snijpunt
- Het punt waar twee grafieken elkaar kruisen.
- verdubbelingstijd
- De tijd waarin iets twee keer zo groot wordt.
- extrapoleren
- Een lijn doortrekken buiten het gebied waarin je gemeten hebt.
- startwaarde
- De waarde van y als x nul is, dus waar de grafiek de verticale as snijdt.