pH
Scheikunde havoEen maat voor hoe zuur een oplossing is. Elke stap van 1 betekent een factor 10: pH 3 is tien keer zo zuur als pH 4. Bij pH 7 is de oplossing neutraal.
Hoort bij Chemische processen, eindterm C8.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- base
- Een stof die in water waterstofionen opneemt of hydroxide-ionen afstaat, zoals ammonia en natronlucht.
- indicator
- Een stof die van kleur verandert bij een bepaalde pH, zoals lakmoes.
- neutralisatie
- De reactie van een zuur met een base, waarbij water ontstaat en de oplossing naar pH 7 beweegt.
- zuur
- Een stof die in water waterstofionen afstaat, zoals zoutzuur en azijnzuur.
- reactieproduct
- Een stof die bij de reactie ontstaat.
- evenwicht verschuiven
- Een evenwicht reageert op een verandering door de kant op te gaan die de verandering deels opheft.
- verdunnen
- Oplosmiddel toevoegen zonder opgeloste stof toe te voegen.
- fysisch proces
- Een proces waarbij geen nieuwe stof ontstaat, zoals smelten, oplossen en verdampen.