Stroomkringen doorrekenen
Ongeveer 9 minuten. Serie of parallel bepaalt welke grootheid gelijk is. De rest volgt uit de wet van Ohm.
De vervangingsweerstand
Twee weerstanden in serie vervang je door hun som. Twee van 10 en 20 ohm gedragen zich samen als 30 ohm.
Twee gelijke weerstanden parallel geven samen de helft. Twee van 20 ohm gedragen zich als 10 ohm, want de stroom heeft twee wegen.
Dat verklaart waarom een huis parallel geschakeld is. Elk apparaat dat je aanzet verlaagt de totale weerstand, dus de totale stroom loopt op, en daarom slaat een groep af bij te veel apparaten.
Het vermogen van een onderdeel reken je uit met P is U keer I. Bij een lamp van 230 volt die 0,26 ampère trekt is dat ongeveer 60 watt.
Serie telt op, parallel verdeelt
Parallel geeft de stroom een extra weg, dus de weerstand daalt.
Zo reken je een schakeling door
Zoek de vervangingsweerstand
Werk van binnen naar buiten. Reken eerst de parallelstukken samen, daarna de serie.
Reken de hoofdstroom uit
I is de bronspanning gedeeld door de vervangingsweerstand.
Werk terug naar de onderdelen
In serie krijgt elk onderdeel die hoofdstroom. Parallel krijgt elke tak de volle spanning.
Controleer met de som
De deelspanningen in serie horen op te tellen tot de bronspanning. Klopt dat niet, dan zit er een fout in.
De fout die bijna iedereen maakt
Twee weerstanden van 20 ohm staan parallel. Hoe groot is de vervangingsweerstand?
Optellen doe je bij serie. Parallel geef je de stroom een extra weg, dus het geheel laat juist makkelijker stroom door. Bij twee gelijke weerstanden is de vervangingsweerstand de helft.
Parallel is altijd kleiner dan de kleinste
Kom je bij een parallelschakeling op een waarde die groter is dan een van de twee afzonderlijke weerstanden, dan heb je gerekend als bij serie. Dat is een controle die een seconde kost.
Stroomkringen doorrekenen
Check jezelf
Twee weerstanden van 10 en 20 ohm in serie. Samen?
Een lamp van 230 V trekt 0,26 A. Wat is het vermogen?
Je zet een extra apparaat bij op een parallelgroep. Wat gebeurt er met de totale stroom?
In jouw boek
De begrippen uit deze les
- parallelschakeling
- Onderdelen naast elkaar tussen dezelfde twee punten. De spanning is over alle takken gelijk en de stromen tellen op.
- serieschakeling
- Onderdelen achter elkaar in één kring. De stroom is overal gelijk en de spanningen tellen op.
- spanning
- Het energieverschil per eenheid lading tussen twee punten, in volt. Hij is wat de stroom door een kring duwt.
- stroomsterkte
- De hoeveelheid lading die per seconde voorbijkomt, in ampère.
- vervangingsweerstand
- De ene weerstand die hetzelfde doet als een hele schakeling. In serie tel je de weerstanden op, parallel wordt hij kleiner dan de kleinste.
- weerstand
- Hoe sterk een onderdeel de stroom tegenhoudt, in ohm. Hij is de spanning gedeeld door de stroomsterkte.
- wet van Ohm
- Het verband dat de spanning gelijk is aan de stroomsterkte keer de weerstand. Hij geldt alleen als de weerstand niet van de stroom afhangt.
In het examen
- 2026, tijdvak 1vraag 19ExamenAntwoorden
- 2026, tijdvak 2vragen 24 en 25ExamenAntwoorden
- 2025, tijdvak 1vragen 7 en 9ExamenAntwoorden
- 2025, tijdvak 2vragen 14 en 17ExamenAntwoorden
- 2024, tijdvak 1vraag 9ExamenAntwoorden
- 2024, tijdvak 2vragen 9 en 11ExamenAntwoorden
De examens staan op examenblad.nl, de site van het College voor Toetsen en Examens. Wij nemen er niets uit over, je opent ze daar.
Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 28-10-2026.