binas
Natuurkunde havoHet tabellenboek dat je op het examen mag gebruiken, met formules, constanten en stofgegevens. Weten waar iets staat is net zo belangrijk als de formule kennen.
Hoort bij Vaardigheden, eindterm A1.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- grootheid
- Iets dat je kunt meten, zoals lengte, tijd of kracht.
- meetonzekerheid
- De marge waarbinnen de echte waarde ligt.
- toevallige fout
- Een fout die per meting wisselt, bijvoorbeeld bij het aflezen.
- omgekeerd evenredig
- Twee grootheden waarvan het product gelijk blijft, dus de ene wordt half zo groot als de andere verdubbelt.
- recht evenredig
- Twee grootheden waarbij de ene twee keer zo groot wordt als de andere twee keer zo groot wordt.
- systematische fout
- Een fout die elke meting dezelfde kant op verschuift, bijvoorbeeld een meter die niet op nul staat.
- onafhankelijke variabele
- De grootheid die je in een proef zelf verandert.
- macht van tien
- Een getal geschreven als een getal tussen 1 en 10 keer een macht van tien.