Naar de inhoud
Inloggen

Maatschappijkunde vmbo gl/tl

Een tabel met cijfers lezen

Ongeveer 7 minuten. Procent en aantal zijn niet hetzelfde, en daar zit de vraag.

Let op of er naar een percentage of naar een aantal gevraagd wordt. Het hoogste percentage hoort lang niet altijd bij het hoogste aantal.

Waarom je dit moet kennen

In de examens van de laatste drie jaar staan twintig vragen bij een tabel. Dat zijn vaak uitspraken die je per stuk moet beoordelen op juist of onjuist.

Zo'n uitspraak is vaak maar door een woord onjuist. Meer, minder, een hoger percentage, het grootste deel: lees ze stuk voor stuk na in de tabel.

Let ook op wat er niet staat. Een vraag als "kun je hieruit afleiden dat" heeft vaak nee als antwoord, omdat het gegeven er simpelweg niet in staat.

Procent naast aantal

groepprocentaantalklas A306klas B208A heeft het hoogste percentageB heeft het hoogste aantallees in de vraag welke van de twee gevraagd wordt

Allebei de kolommen kloppen. Welke je nodig hebt staat in de vraag.

Een uitspraak beoordelen

1

Lees de kop van de kolom

Staat er een percentage, een aantal, of iets per duizend inwoners? Dat bepaalt wat je mag zeggen.

2

Zoek de twee getallen

Welke twee vergelijkt de uitspraak? Zet ze naast elkaar voordat je oordeelt.

3

Let op het ene woord

Meer en een hoger percentage zijn niet hetzelfde. Verandert dat woord de uitspraak, dan is hij onjuist.

4

Kijk of het er wel staat

Gaat de uitspraak over iets dat niet in de tabel voorkomt, dan kun je hem niet uit de tabel afleiden. Dat is dan het antwoord.

De fout die bijna iedereen maakt

Klas A dertig procent, klas B twintig procent. In welke klas zijn het er meer?

klas A, dertig is meer dan twintigklopt niet

Een percentage is een deel van een groep. Zonder de groepsgrootte weet je niets over het aantal. Staat die grootte er niet bij, dan is het antwoord dat je het niet kunt zeggen.

Een stijging van procenten

Let op het verschil tussen procent en procentpunt. Gaat iets van tien naar vijftien procent, dan is dat vijf procentpunt erbij, maar een stijging van vijftig procent. Lees goed welke van de twee er gevraagd wordt.

Check jezelf

Klas A heeft het hoogste percentage, klas B het hoogste aantal. Kan dat?

Ja. Een kleiner percentage van een grotere groep kan een groter aantal zijn.

Een uitspraak gaat over iets dat niet in de tabel staat. Wat is je antwoord?

Je kunt het niet afleiden. Dat is iets anders dan onjuist.

Iets gaat van tien naar vijftien procent. Hoeveel procentpunt is dat?

Vijf procentpunt. Als percentage is het wel een stijging van vijftig procent.

In jouw boek

Er zijn nog geen methodes ingesteld voor dit vak.

Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 27-10-2026.

En nu?

Alle onderwerpen Ander vak