biodiversiteit
Biologie vwoDe verscheidenheid aan leven, op drie niveaus: verschillen binnen een soort, het aantal soorten, en het aantal ecosystemen.
Hoort bij Evolutie, eindterm F3.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- genenpoel
- Alle allelen die in een populatie voorkomen.
- analogie
- Overeenkomst in functie zonder gemeenschappelijke afkomst, zoals de vleugel van een insect en die van een vogel.
- homologie
- Overeenkomst in bouw door gemeenschappelijke afstamming, ook als de functie verschilt.
- aanpassing
- Een kenmerk dat een organisme beter laat passen bij zijn omgeving.
- ontstaan van het leven
- De stap van organische moleculen naar de eerste cellen.
- convergente evolutie
- Dat niet-verwante soorten op elkaar gaan lijken doordat ze dezelfde selectiedruk ondergaan, zoals de vinvorm bij een haai en een dolfijn.
- genetische drift
- Toevallige verschuiving van allelfrequenties, vooral in een kleine populatie.
- isolatie
- Het gescheiden raken van populaties, door een rivier, een gebergte of een verschil in paartijd.