ecosysteem
Biologie havoAlle organismen in een gebied samen met hun omgeving, en alles wat daartussen gebeurt. Een ecosysteem heeft geen scherpe grens; je kiest hem zelf bij je vraag.
Hoort bij Ecologie, eindterm C3.
Waar je dit tegenkomt
Begrippen die hierbij horen
- abiotische factor
- Een invloed uit de niet-levende omgeving: temperatuur, licht, water, bodem, zuurgraad.
- biotische factor
- Een invloed die van levende wezens komt: voedsel, roofdieren, concurrentie, ziekte.
- draagkracht
- Het aantal individuen van een soort dat een gebied kan onderhouden.
- dynamisch evenwicht
- Een toestand waarin aantallen schommelen rond een waarde zonder weg te lopen.
- successie
- De geleidelijke opvolging van levensgemeenschappen in een gebied, van kaal zand tot bos.
- energiestroom
- De weg die energie door een ecosysteem aflegt, van licht via producenten naar consumenten.
- producent
- Een organisme dat zijn eigen voedsel maakt met fotosynthese, dus een plant of alg.
- aangeboren gedrag
- Gedrag dat er van begin af aan is en niet geleerd hoeft te worden, zoals zuigen bij een baby.