Naar de inhoud

Wiskunde A havo

Verdubbelingstijd en halveringstijd

Ongeveer 9 minuten. Hoe lang duurt het tot er twee keer zo veel is? Dat getal blijft altijd hetzelfde.

Bij exponentiële groei is de verdubbelingstijd altijd even lang, waar je ook begint. Je vindt hem door op te lossen wanneer de groeifactor tot de macht t gelijk is aan 2.

Waarom dat getal vast ligt

Bij exponentiële groei wordt er steeds met hetzelfde getal vermenigvuldigd, de groeifactor. Van 100 naar 200 is keer 2, en van 400 naar 800 ook.

Omdat het altijd dezelfde vermenigvuldiging is, duurt verdubbelen altijd even lang. Dat geldt niet bij lineaire groei: daar wordt het steeds relatief minder.

Bij afname onder de 1 heet hetzelfde getal de halveringstijd: de tijd waarin er nog de helft over is.

Je rekent het uit met de logaritme. Zoek t waarvoor de groeifactor tot de macht t gelijk is aan 2, dus t is log 2 gedeeld door log g.

Elke stap even lang

start: 100nu200na 1 verdubbelingstijd400na 2 verdubbelingstijden800na 3 verdubbelingstijden

De stappen worden groter in aantal, maar de tijd ertussen blijft gelijk.

Zo reken je het uit

1

Zoek de groeifactor per tijdseenheid

Groeit iets met 7 procent per jaar, dan is g gelijk aan 1,07.

2

Zet de vergelijking klaar

Je zoekt t waarvoor 1,07 tot de macht t gelijk is aan 2.

3

Haal t naar beneden

Met de logaritme: t is log 2 gedeeld door log 1,07, en dat is ongeveer 10,2 jaar.

4

Controleer of het klopt

Reken 1,07 tot de macht 10,2 terug. Kom je rond de 2 uit, dan klopt het.

5

Bij afname hetzelfde

Voor halveren zoek je t waarvoor g tot de macht t gelijk is aan 0,5.

De fout die bijna iedereen maakt

Iets groeit met 5 procent per maand. Hoeveel per jaar?

5 maal 12, dus 60 procentklopt niet

Groeifactoren reken je om door te machtsverheffen, niet door te vermenigvuldigen. Van maand naar jaar: g tot de macht 12. Andersom, van jaar naar maand, neem je de twaalfdemachtswortel.

Controleer altijd je groeifactor

Groter dan 1 is groei, tussen 0 en 1 is afname. Kom je bij een afname op een getal boven de 1 uit, dan is er iets misgegaan met het percentage.

Check jezelf

Een bedrag groeit met 3 procent per jaar. Wat is de groeifactor?

Honderd procent blijft staan en er komt 3 procent bij, dus 1,03.

Waarom is de verdubbelingstijd altijd even lang?

Dezelfde vermenigvuldiging kost steeds dezelfde tijd, hoe groot het getal ook al is.

Van jaar naar maand: wat doe je met de groeifactor?

Twaalf maandfactoren achter elkaar moeten samen de jaarfactor geven, dus je zoekt de twaalfdemachtswortel.

Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 9-10-2026.

En nu?

Alle onderwerpen Ander vak