Aardolie scheiden in een raffinaderij
Ongeveer 9 minuten. Een hoge toren waarin elk stuk op zijn eigen hoogte vloeibaar wordt.
Waarom dat op kookpunt gaat
In aardolie zitten moleculen van allerlei lengtes. Een kort molecuul kookt bij een lage temperatuur, een lang molecuul pas bij een hoge.
De ruwe olie gaat onderin heet de toren in en stijgt als damp op. Hoe hoger je komt, hoe kouder het wordt.
Elk stuk condenseert op de hoogte waar het net onder zijn kookpunt komt. Zo'n stuk heet een fractie, en dat is nog steeds een mengsel, alleen een smaller.
De destillatietoren
Dit is destilleren, dus geen chemische reactie. De moleculen worden alleen gesorteerd.
Wat er daarna mee gebeurt
Verbranden als brandstof
Benzine, diesel en kerosine gaan de motor in. Daar komt energie vrij, en koolstofdioxide en water.
Kraken tot kleinere moleculen
Van de zware fracties is er meer dan er vraag naar is. Kraken breekt die lange moleculen in kortere, en dat levert extra benzine op.
Bouwen tot kunststof
Korte moleculen uit aardolie zijn de grondstof voor plastic, verf, lijm en kleding. Dan verbrand je de olie dus niet.
Wegen en daken maken
Wat onderin overblijft is bitumen. Dat is het bindmiddel in asfalt en het materiaal op een plat dak.
De fout die bijna iedereen maakt
Wat gebeurt er in de destillatietoren met de moleculen?
Destilleren is een scheidingsmethode, geen chemische reactie. De moleculen die erin gaan komen er ook weer uit, alleen op verschillende hoogtes. Bij kraken verderop in de fabriek gebeurt wel iets chemisch, want daar worden moleculen echt doormidden gebroken.
Stoken of bouwen
Alles wat je verbrandt is op. Wat je tot kunststof verwerkt is er nog, en kan in principe opnieuw gebruikt worden. Dat is het hele argument om aardolie als grondstof te zien in plaats van als brandstof.
Check jezelf
Waarop worden de fracties in de toren gescheiden?
Welke fractie komt het hoogst in de toren naar buiten?
Wat is kraken?
Is destilleren een chemische reactie?
In jouw boek
Vakinhoudelijk gecontroleerd door Jasper Mulders op 26-10-2026.